Een relatie is een kostbaar iets
Twee mensen bij elkaar
Die willen samenleven
Een liefdespaar
Dat alles wel wil geven -
Zoveel geluk
Wordt toch soms uiteengedreven
Dan gaat de liefde langzaam stuk
Eerst is er alles, dan is er niets
En rest alleen maar droefenis
Omdat er iets gebroken is
Een relatie begin je met grote verwachtingen. Als je verliefd bent verwacht en hoop je dat deze relatie je veel brengt en nooit meer stuk zal gaan. Maar het leven stelt je soms voor uitdagingen, ook binnen je relatie. Je komt jezelf én de ander tegen en in sommige gevallen leidt dat tot conflicten of uiteindelijk zelfs tot het verbreken van de relatie.
Allebei heb je patronen ontwikkeld voor streven naar nabijheid en zelfstandigheid. Als die patronen elkaar tegenwerken, ontstaan er spanningen. Dan is het nodig om met elkaar in gesprek te gaan op het niveau van intimiteit: elkaar laten weten welke gevoelens en behoeften er écht in je leven zonder deze te overschreeuwen of te censureren. Je kunt je vaardigheid hierin samen ontwikkelen of dit doen onder begeleiding.
Het vermogen tot deze vorm van intimiteit vergroot de kans op meer begrip en verbinding, en tot duurzame veerkracht en vitaliteit in je relatie.
Ik moest iemand zijn
Maar wist niet wie
Ik was nog klein
Ik vroeg het aan mijn opa
Hij keek mij aan en omarmde mij,
‘Ach jongen toch’, is alles wat hij zei
Ik vroeg het aan de dominee
Die vanaf zijn hoge kansel naar beneden keek
Helaas te druk met het houden van zijn preek
Mijn leraar gaf mij tot mijn spijt
Alleen uitleg over geschiedenis
Rekenen, natuurkunde en elektriciteit
De taoïst zei: ‘Niets’
‘Alleen maar zitten
Dat is al iets’
Het stellen van die vraag is levenslang gebleven
Wie ik vandaag ben zal ik morgen zijn geweest
Mijn hoopvol antwoord is: in wording zijn, dát is leven
Als de regen valt en de lucht is grauw
En maart, de lentemaand,
Nog volop winter lijkt te zijn
En ik denken moet aan jou
Omdat de vogels in nog kale bomen
Toch hun lenteliedjes zingen
Terwijl in storm en natte sneeuw
Mijn vingers wit zijn van de kou
En ik vol verbazing lachen moet
Omdat zij toch hun nesten bouwen
Alleen omdat zij het leven vertrouwen
Voor het maken van een nieuwe start
Dan wordt het lente in mijn hart
Wie zal ik eens zijn vandaag?
Want, zoals door Pessoa ooit gezegd:
In mij leven tallozen
Meer dan één ziel
Meer ikken dan ikzelf
Terwijl ik toch besta
Kind, vader, opa, wandelaar
Schrijver danser, harde werker, nietsnut soms
Optimistisch zanger, soms ook mopperaar
Gisteren wilde ik schrijver wezen
Morgen ben ik klusjesman
Vandaag wil de dichter in mij leven
Elke ochtend als ik wakker word
Steeds hetzelfde ritueel, dezelfde vraag:
Wie wil er wakker zijn vandaag?
Als kind wist ik wat ik wilde worden, net als mijn vader groot en sterk. Maar ik was natuurlijk mijn vader niet. Cowboy, dat leek mij ook wel wat, zo'n grote stoere held die in zijn eentje een heel dorp redde van de bandieten. Maar ik kwam er achter dat die cowboy ook wel eenzaam was en bovendien niet meer van deze tijd. Techniek interesseerde mij ook wel, in het ketelhuis van de kassen waarin mijn vader werkte was een kast met allemaal lampjes en schakelaars. Daarmee bediende je de regeninstallatie in de kas, fascinerend vond ik dat. Dat werd mijn volgende doel, iemand die verstand had van dat soort techniek.
Ik moest natuurlijk een opleiding volgen. Het schooladvies was om vooral niet te hoog te mikken. Dat deed ik dus ook niet. Hoewel, ik later dat verlangen wel had, om hoger te mikken. Dat werden dus jaren van avondschool volgen. Het werk waar ik in eerste instantie voor opgeleid ben beoefen ik al lang niet meer. Sommig werk dat ik ooit deed bestaat niet meer. Alles verandert - hoewel dat dan weer een contstante lijkt te zijn.
Maar eigenlijk gaat dit gedicht daar niet over. Dat gaat er meer over dat onze persoonlijkheid veelzijdig is. Het is een uitnodiging om daar open voor te staan. Maar het is ook een uitnodiging om vanuit jezelf te kiezen wie je vandaag wilt zijn.
Lief, ik hou van
donkere nachten
samen
lopen op de tast
langzaam
wordt het licht
mijn ogen wennen
en ontspannen
eindelijk
zie ik
jouw gezicht
en fluister
je
Dit is een herschreven versie van een eerder gedicht. Ik speel een beetje met de tussenzinnen die soms zowel bij de voirge als de volgende zin kunnen horen. En natuurlijk ook dat de eerste en de laatste zin bij elkaar gelezen kunnen worden - zonder al die tussenstappen. Als metafoor dat ik soms zoveel woorden nodig heb om te zeggen wat ik eigenlijk zeggen wil
